
PWN zuivert vooral water uit het IJsselmeer tot drinkwater. Dat doen we onder andere op onze locatie in Andijk. In dat gebied zien we de kwaliteit van het gezuiverde water soms afnemen, als het langere tijd in de leidingen zit. Het gevolg: bacteriegroei en bruin water. Om dat te voorkomen, doen we onderzoek naar de oorzaken en oplossingen. Matthijs Rietveld (beleidsadviseur Drinkwater) en Pieter Roskam (projectmanager installaties) vertellen wat daarbij komt kijken.

De zuivering van IJsselmeerwater gebeurt op verschillende locaties en op verschillende manieren. Een deel van het ingenomen water zuiveren we in Andijk, waarna we het vervoeren naar de duinen. Daar filtert het duinzand het verder. Een ander deel zuiveren we in onze installatie in Andijk direct tot drinkwater.
In het gebied waar we dit drinkwater leveren, zien we dat de kwaliteit soms afneemt als het water langere tijd in de leidingen zit. Dit gebeurt vooral in de zomer, wanneer het IJsselmeerwater en de bodem warmer zijn. In het gezuiverde water zitten relatief veel voedingsstoffen. Daardoor kunnen bacteriën bij hogere temperaturen makkelijker groeien. Het water kan hierdoor bruin kleuren en de kans op ongewenste bacteriegroei neemt toe.
Het drinkwater van PWN is schoon en veilig – en dat willen we zo houden. Daarom onderzoeken we hoe we bacteriegroei kunnen voorkomen, tot aan de kraan.
In deze video nemen Matthijs en Emmanuelle je mee in het onderzoek naar bacteriegroei en waterzuivering.

In dit onderzoek vergelijken we drie verschillende zuiveringsmethoden:
De bestaande zuivering, zonder extra zuiveringsstap.
De bestaande zuivering met aan het eind een zandfilter als extra stap in plaats van microzeven en chloordioxide.
Een mengsel van 40% drinkwater van de bestaande zuivering en 60% RO-water (omgekeerde osmose of hyperfiltraat). RO-water is water waar bijna alle stoffen uit zijn gehaald via omgekeerde osmose of hyperfiltraat. Door calcium toe te voegen wordt het drinkwater.

Elke zuiveringsmethode heeft een eigen leiding. In deze drie leidingen bootsen we het watergebruik-ritme van de eindgebruiker na. Dus stroomt er ’s nachts minder water door de leidingen dan overdag. Ook bootsen we piekmomenten na, zoals in de ochtend wanneer veel mensen douchen.
Op deze manier zien we wat het effect is van deeltjes in het water die tijdens rust naar de bodem zakken - en weer loskomen als het water sneller stroomt. Dit kunnen deeltjes uit de zuivering zijn, die in het leidingnet nog samenklonteren. Maar het kan ook gaan om biologisch materiaal dat in het leidingnet ontstaat door de aanwezigheid, groei en afsterven van microscopisch kleine waterorganismen en ongewervelde diertjes.

We voeren dit onderzoek uit in nauwe samenwerking met technologiebedrijf PWNT, zowel in denkkracht als in uitvoering. Daarnaast werken we samen met onderzoekers van:
De TU Delft
Wateronderzoeksinstituut KWR
Het Waterlaboratorium (HWL)
De technieken die we gebruiken zijn niet nieuw, maar de toepassing op dit type water wel. Ook het onderzoeken van het effect in de drinkwaterleidingen is nieuw. Om van elkaar te leren werken we samen met andere drinkwaterbedrijven, zoals Oasen (deel van Zuid-Holland) en Waternet (regio Amsterdam).

Matthijs Rietveld - Beleidsadviseur Pieter Roskam - Projectmanager Installaties