
Het IJsselmeer is onze belangrijkste bron. Om van IJsselmeerwater drinkwater te maken, halen we er ongewenste stoffen uit. Denk aan bacteriën, medicijnresten, pesticiden en PFAS. Daarbij ontstaat altijd een reststroom: een mengsel van reststoffen en schoon water. Deze reststromen lozen we nu nog in het oppervlaktewater. We brengen daarmee terug wat we eerder hebben verwijderd. Dat mag van de wet en we voldoen aan alle regels. Maar: als duurzaam en maatschappelijk bedrijf willen we het graag anders aanpakken. Daarom onderzoeken we hoe we meer schoon water kunnen behouden en zo min mogelijk reststoffen hoeven te lozen. Technologen Esmee Joosten en Almo Abusultan leggen uit hoe we dat doen.

PWN zuivert water met verschillende technieken. Eén daarvan is omgekeerde osmose (RO), waarbij we water door ultrafijne membranen persen. Daarmee verwijderen we zelfs de kleinste deeltjes, zoals zouten en mineralen. Een krachtige techniek die we in de toekomst vaker willen gebruiken. Zo blijven we bijvoorbeeld voldoen aan strengere regels rondom PFAS. Maar er is ook een nadeel: er blijft een flinke reststroom over van ongeveer 20% na het zuiveren. En die is ook nog eens sterk geconcentreerd. Daarom beginnen we ons onderzoek bij de reststromen die overblijven na omgekeerde osmose: RO-connect. Hier ligt de grootste uitdaging én een belangrijke kans voor de toekomst.

"Ons doel is ambitieus: geen reststromen meer lozen. Dat lijkt ver weg, maar stap voor stap komen we dichterbij. Elke druppel die we extra kunnen terugwinnen telt.” – Esmee Joosten, technoloog Om ons doel te bereiken, gebruiken we een routekaart met 4 stappen. We onderzoeken hoe we de reststromen verder kunnen verkleinen en waardevolle stoffen kunnen terugwinnen en hergebruiken.

Om nog meer ongewenste stoffen uit het water te kunnen halen, testen we een extra zuiveringsstap aan het einde van de normale reststromenzuivering. Die extra stap bestaat uit twee methoden: nanofiltratie en een helofytenfilter. Een slim samenspel tussen techniek en natuur.
Onder hoge druk gaat de reststroom door een ultrafijn membraan dat nog meer stoffen verwijdert. Een membraan is een dun vlies dat stoffen doorlaat of tegenhoudt.
Voordat we nanofiltratie inzetten, verwijderen we eerst mineralen die het membraan kunnen verstoppen. Dat doen we met behulp van harsbolletjes die als een soort magneetjes vastplakken aan de schadelijke mineralen. We verwisselen deze voor onschadelijke zouten.
Als de hars verzadigd is en niet meer vast kan plakken aan de schadelijke stoffen, spoelen we het schoon. De spoeling maken we met een proces dat Bipolaire Membraan Elektrodialyse heet.
Als laatste stroomt het water door een natuurlijk filter van waterplanten en grond.


Esmee Joosten - Technoloog Drinkwater Almo Abusultan - Technoloog Drinkwater